februari 2009
Geschreven op 21 April 2009 01:13
8 februari 2009
Onze buitenboordmotor heeft het eigenlijk nog nooit goed gedaan. Al twee keer heeft er een honda-dealer naar gekeken, maar hij blijft het niet doen. Zo ook op Barbados. Na een paar dagen het hele eind roeien naar Bridgetown, besloten we om de dinghy op het strand te leggen maar 150 meter van de boot. Onze eerste strandlanding ging best goed, alleen de broekspijp van Ank was doorweekt. De weg terug was wat minder, zachtjes uitgedrukt. Keimpe zou de dinghy door de branding slepen, terwijl Ank met de boodschappen al in het bootje zit. Twee enorme brekende golven (mwa, half metertje) zorgde ervoor dat de dinghy tot het randje vol water stond en Keimpe met een koprol op het strand eindigde. Alles was kletsnat: Keimpe, Ank en boodschappen. We waren blij dat het inmiddels donker was, zodat niemand dit spektakel gezien heeft. Voorlopig voor ons geen strandlanding meer.
Op zaterdag 24 januari zijn we vanuit Barbados vertrokken naar Charlotteville op Tobago. Een tocht van 120 mijl. We vertrekken aan het eind van de middag en rond een uur of drie de volgende dag liggen we voor anker in Pirate’s bay bij het plaatsje Charlotville. Het is een prachtige baai omgeven door regenwoud. We liggen net als Len en Janna van de Present langsvaren in hun dinghy om ons welkom te heten. We nodigen hun uit om eind van de middag een rumpunch te komen drinken. We hebben enorm zin om te zwemmen en besluiten om dat te gaan doen en ons dan morgenochtend te melden bij immigration en customs. Maandagmorgen om 11 uur melden we ons bij Michael van customs. Eerlijk als we zijn vertellen we dat we de dag tevoren zijn aangekomen. Dan krijgen we een toneelvoorstelling van Michael: we hadden ons direct moeten melden en omdat we dat niet gedaan hebben moeten we een boete betalen van 4000 TT dollar (=500 euro). We tonen geen respect voor het land ook omdat we niet die ochtend om 8 uur op de stoep hadden gestaan (‘verslapen zeker?’). Bovendien zijn we buiten kantooruren aangekomen en dat kost ons 159 TT dollar (20 euro). Boven deze boete komt dan nog weer 50 TT dollar ‘ankergeld’. Uiteindelijk laat hij ons kiezen: 4000 TT dollar of 209 TT dollar. Je snapt het al, we kiezen voor 209 TT dollar. We hebben van Len en Janna 5 biljetten van 100 TT dollars geleend. Michael heeft geen wisselgeld en uiteindelijk hoeven we maar 100 TT dollar te betalen. We snappen er niks meer van, maar gaan toch wel opgelucht weg. De immigration-officcer is er pas dinsdag.
Het is een prachtige baai waar we liggen. De eerste dagen snorkelen we elke dag. We zien allerlei soorten koraal en tropische vissen. Beide prachtig gevormd en gekleurd. Soms is het koraal wit geworden. In 2005 is het zeewater zo opgewarmd dat 70% van het koraal rondom Tobago zijn kleur heeft verloren. Hoewel het droge seizoen al een maand aan de gang zou moeten zijn, komt de regen regelmatig met bakken naar beneden. Eerst alleen ’s nachts, maar later ook overdag. Als het droog is vliegen pelikanen over de baai om vis te vangen, daarboven zweven dan weer fregatvogels om de vis van de pelikanen af te pakken. ’s Avonds in de kuip horen we allerlei geluiden uit het bos en zien we regelmatig het bos oplichten door de vuurvliegjes.
In het dorpje zijn verschillende kleine winkeltjes en restaurantjes. Bij de supermarkt kun je fris, water en kaas kopen. Er zijn kleine huisjes waar ze groente en fruit verkopen, de eerste week konden we alleen komkommertjes en tomaten kopen. In de tweede week had een van de winkeltjes verse aanvoer gekregen en konden we allerlei lekker dingen kopen: sla, paprika’s, ananas, mandarijntjes, appels enz. Aan het eind van de dag kun je bij Jane’s quality kitchen vers warm brood kopen. Hoewel zoutloos, smaakt het heerlijk. ‘Jane’, een enorme man van bijna 2 meter, kan ook erg lekker koken. Als we er een keer eten krijgen we een bord met kip, koolsalade, aardappelsalade, rijst, linzen en macaronitaart. In de baai liggen veel vissersbootjes.
Ze vissen hier met twee bamboehengels aan de zijkant van de boot. We hebben twee keer verse vis gegeten. De eerste keer kregen we een ovenschotel vol gebakken tonijn van de Noorse buren. De tweede keer hebben we dorade gegeten aan boord van de Dalwhinnie. Ze hadden de vis gevangen op hun tocht van Barbados naar Tobago.
Om het eiland te bekijken gaan we samen met Frans en Lucia op rain forrest tour onder leiding van Curtis. Als we ’s ochtends om half 8 naar de kant gaan vallen de eerste regendruppels al. We zijn optimistisch, onwetend wat ons nog te wachten staat. Het plan was om 2 trails te lopen door het regenwoud en een bezoek te brengen aan watervallen. Curtis is een echte vogelkenner en in het begin van de tocht stopt hij regelmatig de auto om ons te wijzen op kleine felgekleurde vogels. Na een half uur rijden stoppen we bij een huis om laarzen te huren. Het had toch erg veel geregend afgelopen nacht, dus laarzen waren handig voor onze wandeling. Als we bij de eerste trail aankomen komt de regen met bakken naar beneden. Het is (nog niet) koud en vol goede moed beginnen we aan de wandeling. Het blijft regenen, dus alle vogels schuilen. Het pad wordt af en toe een rivier. Dankzij de boomwortels lukt het redelijk goed om te dalen en te stijgen. Na een half uur wandelen in de stromende regen en compleet doorweekt, willen we wel weer terug naar de auto. De regen blijft met bakken naar beneden komen. Na een lunch met kip, bonen, rijst en macaronitaart gaan we richting de watervallen. We blijven in de auto wachten maar de regen blijft met bakken naar beneden komen. We skippen de tocht en gaan terug naar Charlotville. Gelukkig is Curtis een actieve ondernemer en is hij naast touroperator ook de trotse eigenaar van twee computers waarop je kunt internetten en een rijtje wasmachines en drogers. We gooien onze natte spullen in de droger. Onze t-shirts zijn voor korte duur droog, want tijdens onze tocht naar de boot regenen we weer helemaal nat.
Op 3 februari klaren we uit met het plan de dag erop in Englishman bay te snorkelen om dan in de avond richting Trinidad te varen (een tocht van 80 mijl). Helaas is die dag gevuld met tropische buien. Uiteindelijk vertrekken we om half 7 ’s avonds in de stromende regen. Eenmaal buiten de baai stopt het met regenen en hebben we een rustige overtocht. Om 9 uur de volgende dag zijn we in Chaguaramas, Trinidad. Het meest zuidelijke puntje van onze reis !! De eerste dagen liggen we hier in een marina. Het is wat makkelijker met klussen en het halen van spullen die daarvoor nodig zijn. Bovendien is het heerlijk om na bijna twee maanden weer eens lang onder een warme douche te kunnen staan. Oh ja en er is ook nog een minizwembadje. Geen slecht leven hiero.
18 februari
Uiteindelijk hebben we in Trinidad een week in de marina gelegen. Het was een mooi plekje aan het einde van de baai. Om ons heen zien we regenwoud en aan het eind van de middag vliegen de papegaaien, fregatvogels en haviken van de ene naar de andere kant. Chaguaramas is een baai met een stuk of zeven bedrijventerreinen op een rij. Elk terrein heeft zijn eigen marina, watersportzaak en er zijn veel bedrijfjes die van alles kunnen repareren en maken. Als eerste gaan we op zoek naar hout voor het roerblad van de windvaan. Dat vinden we vrij snel en we gaan weer terug naar onze eigen marina waar een zaak zou moeten zitten die gereedschap verhuurd. Helaas dat bedrijf is vertrokken. We besluiten dan om toch het roerblad te laten maken. Binnen twee dagen hebben wij een prachtig teakhouten roerblad! Naast het roerblad zijn we bezig geweest met allerlei andere klussen van de nooit lege kluslijst. We hebben onze voorraad weer eens geteld en met name het drinken (water, sap en bier) aangevuld. Gelukkig hoefden we niet zelf te slepen, maar kwam de supermarkt het tot aan de boot brengen. Frans en Lucia komen nog een keer borrelen en we maken lekkere wraps. Op een of andere manier lukt het ons niet om roti te eten sinds we in de Carieb zijn. Het restaurant is dicht, de roti is op of we zitten in het verkeerde restaurant.
Na een week gaan we voor anker in de baai. Het uitzicht is ineens anders. Nu merk je pas dat je in een baai ligt met allerlei bedrijventerreinen. Overdag hoor je de ‘bedrijvigheid’ en ’s nachts branden er felle lampen.
We zijn nog niet verder geweest dan Chaguaramas en om meer van het eiland te zien gaan we een dag op stap met Mike van Members only (een touroperator die allerlei activiteiten organiseert voor de yachties in de baai). Om 8 uur ’s ochtends worden we opgepikt en we rijden richting de hoofdstad Port of Spain. Mike slaat abrupt af om ons de stad en met name de kathedraal te laten zien. Weer terug op de ‘snelweg’ vraagt hij of we al hebben ontbeten. Niet echt, dus we stoppen bij een busje langs de kant van de weg om een pannenkoek met bonenprut te eten. Heerlijk! We krijgen niet de very spicy versie. Als je die eet, dan biggelen zelfs bij de Trinidads de tranen over de wangen. We zijn op weg naar het Asa Wright Nature Center, een natuurgebied midden in de bergen aan de noordkant van Trinidad. Vanaf de veranda van een oud koloniaal huis kijk je uit over een prachtige vallei. Met brood en fruit lokken ze de vogels en zo kun je goed de prachtige vogels, waaronder kolibries, bekijken. We wandelen met een groep over het terrein en krijgen ondertussen uitleg over alles wat er leeft. Vanuit Asa Wright rijden we naar het Caroni Swamp. Caroni Swamp is een groot moeras met mangrovebossen en is vooral bekend om de duizenden rode ibissen die er wonen. We gaan met een boot het moeras in en zijn onder de indruk van de mangrovebossen. Na een aantal kanalen komen we bij een merengebied. Daar legt de gids de boot stil. Het is bijna zonsondergang en tegen die tijd verzamelen zich duizenden vogels op hetzelfde eiland om de nacht door te brengen. Met name de zwermen met rode ibissen zijn prachtig.
Het is al bijna donker als Mike ons terugbrengt. In Port of Spain laat hij ons nog twee mas camps zien. Dit zijn winkels waar kostuums voor carnaval worden gekocht. In de winkel hangen twintig kostuums en naast de winkels is het atelier waar ze gemaakt worden.
Zondag hebben we een afscheidslunch met Frans en Lucia. We zullen elkaar voorlopig niet meer zien. Jammer het was erg gezellig! In de regen vertrekken we aan het eind van de middag naar Grenada. Het is 82 mijl, dus weer een nachtje doorvaren om de volgend ochtend aan te komen. Het is een ruige overtocht. Ank maakt Keimpe om 1 uur ’s nachts wakker omdat de regen wel erg hard naar beneden komt en de wind is aangetrokken tot 30 knopen. Dit blijft zo tot een uur of 4. Ank zit buiten om de boel in de gaten te houden en Keimpe zit binnen om het scheepsverkeer (via de radar) en de koers (via maxsea) in de gaten te houden. Er staat een enorme stroming en we moeten 20 en soms wel 30 graden bijsturen om koers te houden. Midden in de nacht gaat Ank nog over haar nek na het drinken van een slokje lauwe cola. Toch niet zo handig om een vette lasagne als lunch te eten. Als het weer aan het eind van de nacht wat opklaart stuurt Keimpe Ank naar bed. Om half 9 in de morgen zijn we bij de druk bevolkte Prickley Bay op Grenada. Ankeren en even slapen voor we ons melden bij immigrations en customs.
27 februari
Mmmmm, wat hebben we heerlijk gegeten bij BB’s Crabback in St. George’s. BB’s is een restaurantje aan het water van de carenage bij de hoofdstad van Grenada, met een geweldige keuken. We aten in een uitermate relaxte sfeer eerst een super crabsalade en vervolgens een Baracuda van Benjamin, de kok-eigenaar van BB’s (waar de andere B voor staat weten we niet), die zijn restaurant van London naar St. George’s heeft verhuisd. We geven ‘m groot gelijk, evenals vele andere gasten, die lovende commentaren met viltstift op de wanden van het restaurant hebben geschreven.
Gisteren zijn we in St. George’s aangekomen. Daarvoor hebben we een aantal dagen aan de zuidkust voor anker gelegen, eerst in Prickly Bay, daarna in Clark's Court Bay. Prickly Bay is een ruime goed beschutte baai, waar veel jachten geankerd zijn. De hellingen van de heuvels rondom de baai zijn bezaaid met grote, sjieke huizen en hotels. Er is eigenlijk weinig te doen en bij aankomst waren we de enige Nederlanders, wat we op nog niet eerder hebben gehad. Maar dat heeft niet lang geduurd. Na een aantal dagen kwamen Len en Janna vanuit Tobago overgezeild (voor een koud biertje van ons).
Na een aantal dagen Prickly Bay zijn we naar Clark's Court Bay gegaan, ook aan de zuidkust van Grenada. Naast Hog Island, een klein onbewoond eilandje, hebben we het anker laten vallen. Ook Clark's Court Bay is een ruime baai, maar met veel minder dure huizen en geen hotels. Wel is er een eilandje dat privé bezit is met zo te zien erg sjieke onderkomens er op. Toch, hier je heb hier meer het gevoel dat je in de natuur ligt met je bootje, al ben je dan niet in je eentje. We hebben Hog Island op verschillende manieren verkend. Op een strandje aan de noordoost kant heb je een strandkroegje, dat alleen zondags geopend is. Een unieke plek, die we dus niet gemist hebben. In dit strandkroegje nog Amerikanen ontmoet, die maar moeite hadden met onze namen: Oink en K (verder kwamen ze niet). Wel leuke lui. Verder hebben we een strandje aan de zuidkant verkend op het verder verlaten eilandje. Er spoelt hier van alles aan: resten van koraal en schelpen, maar ook resten van de beschaving zoals bierflesjes enzo. Lokale vissers laten op de oever her en der bergen schelpen van conch achter, die lijken op lugubere knekelbergen. Op een zandstrandje van Hog Island staan de Manchineel bomen, die je in de Carieb op verschillende eilanden aantreft. Deze onschuldig ogende bomen die altijd op het strand groeien zijn erg giftig, zowel de vruchten als de bladeren. Het is facinerend om langs de kustlijn te slenteren, met prachtige uitzichten op de zee en de kustlijn. Eigenlijk waren we hier ook op zoek naar snorkelplekken, maar door de redelijk harde wind stond te veel deining en het zicht onder water was beroerd. We hebben inmiddels gehoord dat je in de Grenadines uitstekend kunt snorkelen. Later beter, dus.
Eergisteren zijn we naar St. George’s gegaan en hebben op z’n mediteriaans aangelegd aan de steiger van de marina: spiegel naar de kant en anker vooruit in de plomp. We liggen in een lagune en even verderop is de ‘carenage’, een ondiep water waar vroeger houten schepen op hun kant werden gelegd voor het schoonmaken en het breeuwen van het onderwaterschip. De lagune en de ‘carenage’ liggen in een oude, ondiepe vulkaankrater. Tegen de wanden van de krater ligt St. George’s. Aan de zeekant meren regelmatig grote cruiseschepen af en tegenover ons in de lagune is een kersverse jachthaven, waar megajachten afmeren. Megajachten zijn veel te grote motor- of zeiljachten van mensen die veel te veel geld hebben. Deze jachten worden door bemanning gevaren en gepoetst. Af en toe komt de eigenaar, om te kijken of ie wel de grootste heeft. Deze mega(lomane) jachten steken erg af tegen de armoe van de gewone mensen hier. Dit is denken we typerend voor een groot deel van de Carieb: tweede huizen, grote jachten en privé-eilanden tegenover zwervers/bedelaars, vervallen huizen en de betrekkelijke welstand van de gewone mensen (op Martinique en Guadeloupe wordt gestaakt vanwege de hoge prijzen van levensmiddelen). We zijn gisteren en vandaag op stap geweest voor boodschappen, oa. kleren en groenten/fruit. We zijn gisteren en vandaag op stap geweest voor boodschappen, oa. kleren en groenten/fruit. Daarvoor zijn we onder andere op de markt geweest, een erg kleurrijk, levendig en geurig gebeuren. Grenada is spice-island, nootmuskaat, pepertjes, kaneel, cocao en vele andere specerijen worden verbouwd en aan de man gebracht in Grenada. We zijn nu goed voorzien van kruiden. Daarnaast hebben we ook wat voor ons onbekende groenten gekocht om mee te experimenteren. De mensen op de markt hebben ons vertelt wat we er mee moeten doen.
We hebben erg veel plezier gehad met de mensen die we hier tegenkwamen: erg aardig en je kunt er leuk mee ouwehoeren. We zouden best nog eens terug willen naar Grenada, maar gaan morgen verder naar Carriacou, waar we Marcel en Ascha hopen te treffen (de rum is ingeslagen).
Er is al 1 reactie geplaatst. Plaats ook een bericht.
door Rietje en Hanneke | geplaatst op 17 February 2009 14:25 | ip: bekend
Wat een verhalen en prachtige foto's. We genieten van jullie verhalen. Nu de grote oversteek terug. Of gaan jullie naar de bovenkant USA? Wanneer gaan jullie terug naar Afrika? Nou, we lezen het allemaal wel. Heel veel plezier, geluk, gezondheid en spanning gewenst, Rietje en Hanneke.
