juni 2009
Geschreven op 17 August 2009 19:30
26 juni
De eerste dagen na onze aankomst in Horta hebben we niet veel uitgevoerd: lekker door- en uitslapen, wasje doen, boot schoonspuiten, kletsen met de buren, borrelen met Jim en Jo, slenteren door het dorp, uit eten, dat soort dingen. De aankomst in Horta was weer een mijlpaal van onze reis, dus dat betekent ‘champagne’ !! Met een fles cava en twee wijnglazen in de rugzak hebben we de heuvel bij Porto Pim beklommen (ai, ai slappe spieren na drie weken op zee en dus enorme spierpijn de dag erop). Met een glaasje champie genoten we enorm van het uitzicht over de oceaan en het eiland Faial. Onze volgende mijlpaal van deze reis wordt de eerste haven in Nederland die we aandoen. Porto Pim is een kleine baai met een zwart strand met daarnaast een oude fabriek waar tot begin jaren 80 van de vorige eeuw nog de walvissen werden verwerkt. De fabriek is inmiddels een prachtig gerestaureerd museum.
Openbaar vervoer is er niet echt op het eiland, dus we hebben een auto gehuurd om het eiland te bekijken. De eerste dag zijn we naar Pona dos Capelinhos in het westen van het eiland gereden. In 1957 heeft hier een vulkaanuitbarsting plaatsgevonden en heeft een vuurtoren bedolven. Het is een prachtig vulkanisch landschap met as en lavastromen, zie de foto’s. We zijn naar een krater vlakbij gewandeld en vandaar hadden we wederom een spectaculair uitzicht. De tweede dag zijn we naar Caldeira do Cabeco Gordo gereden. Dit is een groene krater van 2 km doorsnee en 400 meter diep en ligt midden op Faial. Je kunt in 2,5 uur om de krater heen lopen. Helaas lag de krater in de wolken en begon het te regenen, dus na een klim naar het hoogste punt zijn we omgekeerd. We zijn toen langs kleine b-weggetjes teruggekeerd naar Horta. Faial is een prachtig rustig eiland met veel koeien in de weilanden, veel groen en erg veel hortensia’s langs de weg.
Horta is de plek waar zeilers stoppen op hun weg van de Carieb of VS naar Europa. Er is een zeer beroemd café, Peter café Sport, waar al bijna een eeuw elke zeiler komt drinken en eten. Het is een geweldig café waar we meerdere avonden hebben doorgebracht (hik). We kwamen best veel bekenden tegen die we eerder op onze reis hebben ontmoet en dat weerzien is erg leuk. Elke zeiler die Horta aandoet is eigenlijk ook verplicht om een muurschildering op de kade te maken. Er is in de hele haven dan ook nauwelijks een plekje te vinden. Maarrrrr het is ons gelukt om een mooie muurschildering (’life is good’) achter te laten. Terwijl we aan het schilderen zijn zien we ineens de Ayesha, met Stephen en Nick aan boord, voor anker liggen. Ze waren net aangekomen. Binnen een half uur zijn ze bij ons en kunnen we hun een heerlijk koud biertje aanbieden waar ze erg veel zin in hebben. Daarna natuurlijk hapje eten bij Café Sport en de volgende dag uitslapen ….. De dag erop kwam de Mi Dushi aan, met aan boord Henk en Angela. We hebben onderweg contact gehad via de SSB en beloofd dat bij hun aankomst de champagne klaar zou staan. Dus eind van de middag, plop de fles open en de aankomst vieren en daarna weer naar Café Sport voor een hapje eten. Je snapt het al, we hebben niet echt veel gekookt op Horta. Afgelopen weekend kwam ook Derrek aan, een solozeiler die we tijdens de reis een aantal keren hebben gezien en waarmee we op Sint Maarten een avond gezellig hebben zitten praten. Hij heeft op 120 mijl voor de Azoren een aanvaring gehad met een walvis, maar gelukkig geen grote schade aan de boot. De Feeks is na een tussenstop op Flores afgelopen weekend ook in Horta gearriveerd.
Tja en elke dag is er wel weer een reden om te gaan borrelen. Zo ook afgelopen zondag met de bemanning van de Mi Dushi, Feeks en Sampoo (een Zweeds jacht). Tijdens de borrel reikte Angela aan de kapitein van elk jacht een prachtige gouden medaille uit, als beloning voor het behalen van Horta.
Na twee weken Horta wordt het toch hoog tijd om verder te gaan. Dus maandagavond een farewell party in Café Sport (inderdaad het houdt niet op). Dan gaan toch echt dinsdagochtend de 23e de trossen los. We vertrekken om 10 uur ’s morgens en worden uitgezwaaid door de bemanningen van de Mi Dushi, Feeks, Ayesha en Pegasus. Dit blijft een geweldig gevoel. Na 30 uur zeilen zijn we nu inmiddels sinds afgelopen woensdag op Sao Miguel, het grootste eiland van de Azoren. Komend weekend gaan we walvissen spotten en met een auto het eiland rond. Afhankelijk van het weer vertrekken we begin volgende week naar La Coruna in Noord Spanje, een tocht van ongeveer 8 dagen. Over onze avonturen op Sao Miguel en de overtocht naar het vaste land van Europa berichten we de volgende keer.
30 juni
Ook Sao Miguel is genieten. Net als Faial is het erg groen en bloemrijk. We liggen in de haven van Ponta Delgada, de hoofdstad van de Azoren. Het is duidelijk meer stad dan Horta en een leuke stad. Witte gebouwen, rode daken en grijs of zwart omlijste ramen en deuren. De straten zijn belegd met kleine zwarte en witte keitjes. De jachthaven, waar we liggen is nieuw, en eigenlijk een beetje mislukt: de haven is te open en daardoor kan er veel deining binnenkomen. Daar hebben wij tijdens ons verblijf niet zo veel last van, maar de buurman, die hier al een jaar ligt, vertelt dat het ’s winters behoorlijk te keer kan gaan.
Afgelopen zaterdag zijn we wezen whale watchen, walvis kijken dus. In een rubberboot zijn we met een 12-tal mensen anderhalf uur de zee op gevaren om walvissen te zien. Nou dan moet je echt goed kijken wil je een walvis zien. Ze waren er wel, maar kwamen af en toe boven. Dan zag je alleen een stukje van hun rug en soms hun spuit. Vervolgens nog anderhalf uur terug tegen de wind en met hoge snelheid stuiterend op de golven. We waren niet echt onder de indruk. (Meer vis valt er te zien in de supermarkten, waar vele soorten zijn uitgestald.)
Zaterdagmiddag en zondag zijn we met een auto op stap geweest. Sao Miguel bestaat voor een groot deel uit heuvels of bergen, die oude vulkaankraters zijn. Soms zijn die erg groot, zoals in het westen van het eiland met een doorsnede van 12 km. In deze krater liggen 2 meren, een stadje en nog meerdere kleinere uitgebluste vulkaankraters. Alles even groen en bloemrijk. Prachtig uitzicht heb je vanaf de rand van de krater.
Op een aantal plaatsen op het eiland is de bodem van het eiland erg dun, zodat de warmte van de onderliggende aardlagen aan het oppervlak voelbaar en zichtbaar is. Grondwater raakt aan de kook en vormt borrelende poelen van water en modder. Hiermee worden thermische baden gevoed en soms wordt erin gekookt, zoals in het plaatsje Furnas. Furnas ligt in het oostelijk deel van het eiland in een grote krater. Ook hier ligt een meer. In het plaatsje zelf, bij het meer en op verschillende andere plekken borrelt de aarde: kokend water, stoom, dampen van zwavel met de geur van rotte eieren en geel uitgeslagen bodem. In gaten in de grond stoppen de bewoners hier grote pannen met vlees en groenten om 6 uur lang te garen. Zondagmiddag hebben we in Furnas een dergelijke maaltijd gehad: kip-, varkens- en koeievlees met aardappels en groenten. Goed te eten, maar na een ieniemienie hapje hebben we de varkensoren maar laten liggen. ’s Avonds terug op de boot roken we nog naar zwaveldampen.
We hebben het hele eiland rondgereden en ons verwonderd over de ongelofelijke hoeveelheid groen en bloemen op dit eiland. De bermen van de wegen bestaan uit grote bossen hortensia’s en andere soorten bloemen. De weilanden worden vaak ook omzoomd met bloemenwallen. De wegen langs de kust slingeren om de bergen en zijn lommerrijk omgeven met bomen en bloemen.
We hebben in Ponta Delgada opnieuw eten en drinken ingeslagen. Morgen vertrekken we voor de volgende oversteek, naar La Coruna. Naar verwachting duurt dat 9 a 10 dagen. Zoals het er nu uitziet met redelijk goed weer. We zijn erg benieuwd naar het weerzien met deze Noordspaanse stad en de tapas.
Er zijn nog geen berichten geplaatst. Plaats een bericht.
